toggle menu

Breien, terug van weggeweest!

Breien, terug van weggeweest!

Na tientallen jaren is het weer hip om te breien. Je hoeft je er echt niet langer voor te schamen. Dus dames: haal je pennen en breiwol maar weer tevoorschijn. Zelfs mannen wagen zich nu aan deze ‘vrouwenbezigheid’ en - eerlijk is eerlijk - niet onverdienstelijk, gezien de resultaten.

Spinnen en breien

Begin jaren zestig, pas getrouwd en thuis zittend met een baby verdiende ik wat bij met het spinnen van schapenwol. Met een oud spinnenwiel, direct van ongewassen vachten. Mijn zus en zwager hadden een handweverij en konden de gesponnen wol goed gebruiken. Voor elke knot kreeg ik een gulden; dat was mooi meegenomen. Ook breide ik toen truien en dassen. Nooit met geverfde wol, maar gebruikmakend van de natuurlijke kleuren van het schaap: bruin, zwart, grijs en wit.

Later kwamen er allerlei verzoeken. Ook een keer om... hondenhaar te spinnen. Eigenaars van een overleden hond vroegen me dat te doen. Daar had ik helemaal geen zin in, want honden vond ik niet bepaald lekker ruiken. Na lang aandringen heb ik het toch gedaan. De wol werd verwerkt tot een geweven lopertje dat bij hen thuis op het dressoir kwam te liggen, als aandenken. Haar van huisdieren spinnen en verwerken tot kleding en dergelijke wordt overigens meer gedaan, soms zelfs bedrijfsmatig.

Breiclubjes

Zelf breien, haken en kleding naaien is grotendeels verdrongen door fabrieken en ateliers in het buitenland. Toch is er behoefte aan dergelijke bezigheden. Vooral breien is populair; alleen thuis bij de tv of bij een breiclub. Iets maken en ondertussen gezellig kletsen en koffie drinken. Mijn buurvrouw organiseerde zo’n breigroepje met vriendinnen en huisgenoten en ik zag haar ook weer achter het spinnenwiel zitten.

Er bestaan zelfs mannenbreiclubs. Man Bijt Hond besteedde er onlangs aandacht aan. Niet zo vreemd, want het is bekend dat matrozen en herders (misschien uit verveling) vroeger ook breiden en dat er mannelijke ontwerpers zijn van breipatronen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat winkels met wol, handwerkmaterialen en patronen momenteel goede zaken doen.

Meer dan 500 truien

Een wel heel bijzondere breister is de Rotterdamse Loes Veenstra die in de afgelopen circa vijftig jaar maar liefst  500 truien breide met de meest uiteenlopende patronen. Die truien geven een aardig beeld van de ontwikkeling in de mode. Een huldiging, een tentoonstelling en een boek waren het gevolg toen ze door een kunstenares werd ontdekt. Laat je inspireren door het artikel en de film erover!

Wildbreien

Breien voor de openbare ruimte komt de laatste jaren ook in zwang. Het is een vorm van straatkunst waarbij straatmeubilair, beelden, lantarenpalen, kunstwerken en bomen versierd worden met aan elkaar genaaide kleurige breisels. Het lijkt op guerrilla gardening. Wildbreien gebeurt ook zonder toestemming te vragen en het doel is eveneens de omgeving vrolijker te maken. Soms is het echt grappig. Het is niet helemaal mijn ding: zoveel tijd, geld en energie steken in iets dat maar heel kort meekan vanwege de weersomstandigheden. Maar het enthousiasme is niet te stuiten.

Breien voor een goed doel

Tussen allerlei initiatieven om te breien voor arme mensen, baby’s en HIV-slachtoffertjes viel een filmpje over een weeshuis van de stichting Tamsarya in Nepal bijzonder op. Je ziet hoe een groep kinderen daar zit te wachten bij de uitdeling van truien die in Nederland zijn gebreid door vrouwen in een bejaardenhuis. Een jongetje mag een gele trui met bruine strepen passen en de ontvangst wordt bijgeschreven in een schrift. Daarna zie je een 96-jarige dame naar het filmpje kijken, naar het jongetje met ‘haar’ trui. Best ontroerend. Een eigen trui is in dat weeshuis een belangrijk bezit, want het kan in Nepal flink koud zijn. 

Hanneke van Veen

Updates ontvangen over dit onderwerp?

Wil je op de hoogte blijven van dit onderwerp? Download de gratis Radar-app en volg het onderwerp.

Reacties

Op de Radar website moet je 'overige cookies' accepteren om te reageren op artikelen.

Ook interessant