toggle menu

Wel of niet vaccineren gaat over meer dan alleen je eigen gezinnetje

Wel of niet vaccineren gaat over meer dan alleen je eigen gezinnetje

'Iedereen twijfelt erover of die vaccinaties wel goed zijn voor je kind.' Of: 'Laat jij je zoontje vaccineren? Dat je dat zomaar klakkeloos aanneemt.' Zomaar wat opmerkingen die ik de afgelopen maanden te horen kreeg, van hoogopgeleide medemoeders.

Verbaasd ben ik inmiddels niet meer over het wijdverbreide wantrouwen tegenover het Rijksvaccinatieprogramma. Zeker onder hoger opgeleiden lijkt het de normaalste zaak van de wereld om dingen te roepen als 'het is nooit bewezen dat vaccinaties veilig zijn'.

'Het moest gewoon'

Erg geschokt was ik dan ook niet toen Happinez het afgelopen weekend een column publiceerde van journaliste Pauline Bijster, moeder van vier. Ze schreef dat zij haar jongste kind van 1,5 niet heeft laten inenten.

Ze twijfelde bij de eerste drie ook, omdat 'niemand me kon vertellen wat ze in mijn baby's spoten, en waarom ze dat eigenlijk deden. En waarom zo vaak, en zo snel al. Het moest gewoon.'

Binnen een dag offline

Vanwege boze reacties op de column, onder andere van artsen die dingen twitterden als 'kom een dag meekijken op de kinder-IC hoe dood kinderen kunnen gaan aan te vermijden infecties', werd de column binnen een dag offline gehaald.

De boosheid verdween niet meteen: Sargasso schreef een stuk waarin een aantal beweringen van Bijster werden ontkracht. En toen ik twitterde over de antivaccinatie-opmerkingen die ik krijg, reageerde een vrouw met dat zij in de jaren tachtig de laatste polio-uitbraak had meegemaakt op de Biblebelt. Ze werkte in een kinderrevalidatiecentrum en is nog boos op de ouders die niet voor vaccineren kozen.

Ziek zijn als groeimoment?

Pauline Bijster schrijft dat ze niet snapt waarom kindjes tegen zoveel ziektes worden ingeënt, want volgens haar is het helemaal niet zo erg om de bof, rode hond of mazelen te krijgen. Daarbij negerend dat de bof tot onvruchtbaarheid kan leiden, dat je aan de mazelen dood kunt gaan en dat een zwangere vrouw die in aanraking komt met een kind met de rode hond, een doof baby'tje kan krijgen.

Even later gaat Bijster nog een stapje verder en schrijft ze dat we vaccineren omdat we geen tijd meer hebben om wekenlang voor een ziek kind te zorgen. Terwijl ziek zijn ook een groeimoment kan zijn voor een kind, zo is haar redenering. Stelletje ontaarde moeders (want die bedoelde ze natuurlijk, in de jaren vijftig hadden vrouwen nog wel alle tijd. Gelukkig maar, want toen kwam polio nog veel voor – totdat het vaccinatieprogramma begon): ze halen liever een prik dan dat ze zich over hun zieke kind ontfermen.

Mijn kleine, zielige mannetje

Toen ik die passage las, werd ik boos. Mijn zoontje is, toen hij 6 weken oud was, in het ziekenhuis opgenomen met het RS-virus. Een virus waar volwassenen slechts verkouden van worden, maar die voor zo'n kleintje dodelijk kan zijn. Er is geen moment bij me opgekomen dat zijn ziek-zijn maar lastig was, noch dat het een fijn groeimoment was.

Ik was vooral bezig met me zorgen maken en mijn kleine mannetje heel zielig vinden. Tegen het RS-virus bestaat geen vaccinatie, maar mocht die ooit toch op de markt komen, zou ik tegen andere ouders zeggen: halen die prik!

Niet-ingeënte kinderen zijn een risico voor andere kinderen

Ik vind dat elke ouder zelf moet beslissen hoe hij zijn kinderen wil opvoeden (zolang het kind maar geliefd en goed verzorgd wordt, natuurlijk). Maar als het om vaccineren gaat, heb je toch een verantwoordelijkheid die verder gaat dan je eigen gezinnetje.

Nare ziektes als polio en de mazelen komen (bijna) niet meer voor door de groepsimmuniteit: doordat de meeste ouders hun kinderen wel laten inenten, hebben deze ziektes geen kans om zich te verspreiden. Niet-ingeënte kinderen vormen dus een risico voor andere kinderen. Mijn zoontje moet bijvoorbeeld zijn mazelenvaccin nog krijgen, en ik ben maar wat blij dat hij niet bij de jongste van Bijster op het kinderdagverblijf zit.

Ook niet-prikkers willen het beste voor hun kind

Nu weet ik ook wel dat een beroep op het verantwoordelijkheidsgevoel van een niet-prikker weinig zin heeft: deze ouders zijn er immers van overtuigd dat zij het juiste doen voor hun kinderen. Nog minder zin heeft het om hun argumenten met wetenschappelijke argumenten en cijfers over teruggedrongen infectieziektes te weerleggen.

Uit onderzoek blijkt namelijk dat ouders die sceptisch staan tegenover prikken, nóg sceptischer worden wanneer ze 'onredelijk' of zelfs dom worden genoemd (dom zijn ze trouwens niet, zo is te lezen in dit artikel over niet-prikkers).

Wat wel helpt? De ouders vertellen hoe ernstig de gevolgen van infectieziekten voor hun kinderen kunnen zijn. Filmpjes laten zien van een baby met kinkhoest heeft veel meer effect dan schermen met statistieken. Logisch ook wel, want uiteindelijk wil iedereen toch het beste voor z'n kind – vaccinatiescepticus of niet.

Mensje Melchior

Meer over:

Reacties

Op de Radar website moet je 'overige cookies' accepteren om te reageren op artikelen.

Ook interessant