Radar

toggle menu

Consumententip: Hypotheekstress? Na 1 april kan er ook heel veel!

Consumententip: Hypotheekstress? Na 1 april kan er ook heel veel!

De regels voor de hypotheekrenteaftrek zijn veranderd. Na 1 april kunnen bepaalde wijzigingen niet meer worden doorgevoerd. Grote drukte dus bij de banken: wie nu nog een afspraak wil maken, vist eigenlijk achter het net. Maar er zijn ook veel dingen die je nog wél na 1 april kunt regelen.

Hiernaast vind je een video met vragen en antwoorden.

In december besteedden we in de uitzending al uitgebreid aandacht aan de veranderingen rondom hypotheekrenteaftrek.

Deze informatie is bedoeld voor mensen die al een hypotheek hebben en die zich afvragen of ze vóór 1 april actie moeten ondernemen.

De redactie krijgt veel vragen van mensen die een afspraak willen maken, maar voor 1 april niet meer bij de bank terecht kunnen. De agenda’s van de adviseurs zijn over het algemeen vol. En even snel iets wijzigen kan met een hypotheek gewoon niet.

Banken hebben namelijk een zorgplicht. Zij moeten zorgen dat het product dat je afneemt bij je past en dat je de consequenties begrijpt van de keuzes die je maakt. Het is dus niet mogelijk om even snel iets te wijzigen in je hypotheek. 

Een bank kan dat alleen doen na een adviesgesprek waarin de gevolgen van de keuzes worden doorgenomen. En voor die adviesgesprekken is momenteel zoveel belangstelling dat het heel krap wordt om voor 1 april nog een afspraak in te plannen.

Wie moet er nou echt voor 1 april in actie komen? Wat kan er straks nog wel en wat niet. Radar zet het op een rij en hoopt zo mogelijke hypotheekstress te verminderen. Bekijk ook de video met het interview met Vereniging Eigen Huis.

V: Wat kan er niet meer na 1 april?

A: Veranderen van box 3 naar box 1.

Mensen die hiermee te maken hebben zijn als het goed is door hun bank geïnformeerd dat ze over deze keuze na moeten denken.  Zij hebben dan een brief gehad met uitleg over deze kwestie.

Ons belastingstelsel is ingedeeld in drie verschillende boxen. Box 1 is voor werk en wonen, box 2 is voor mensen die veel aandelen hebben in een bedrijf (vennootschap), en box 3 is voor spaargeld. Per box gelden andere regels en uitzonderingen. 

Er zijn mensen die een aflossingsvrije hypotheek hebben en die daarnaast in een apart product vermogen opbouwen, dat kan een spaarpolis of een beleggingspolis zijn. De hypotheek hoort bij box 1, want die heeft te maken met wonen. 

Het kan zijn dat mensen de polis om vermogen mee op te bouwen in box 3 hebben gezet. Deze polis hoort dan dus bij spaargeld en is niet officieel gekoppeld aan de hypotheek. Het is dan dus mogelijk om deze polis ook voor andere dingen te gebruiken dan het aflossen van de hypotheek.

Over spaargeld in box 3 moet je belasting betalen. Er geldt een vrijstelling van 21. 139 euro per persoon. Voor mensen die getrouwd zijn of samenwonen geldt dus een vrijstelling van 42.278. Als het spaargeld boven deze vrijstelling uitkomt moet er belasting over betaald worden. 

Mensen die hun polis dus in box 3 hebben gezet, gaan belasting betalen zodra het opgebouwde vermogen boven de vrijstelling uitkomt. Op dat moment kunnen ze hun polis verplaatsen naar box 1. Dan hoef je er geen belasting over te betalen, maar moet je het geld wel gebruiken om de hypotheekschuld mee af te lossen. Ook moet je dan maandelijks blijven storten in de polis en kun je dit bedrag niet zomaar verhogen of verlagen.

De mogelijkheid om de polis van box te verplaatsen verdwijnt. Dat betekent dat mensen die de polis nu in box 3 hebben zitten nog voor 1 april de polis naar box 1 kunnen verplaatsen. Daarna is dat niet meer mogelijk. Door de polis te verplaatsen voorkom je dat je in de toekomst belasting gaat betalen over het bedrag dat je in deze polis opbouwt.

Verplaats je de polis, dan raak je wel de flexibiliteit kwijt om je geld voor iets anders te gebruiken dan de hypotheek.

Mensen die hun polis willen verplaatsen moeten dat voor 1 april aangeven bij de bank. Als je dit wilt en je hebt nog geen afspraken hierover gemaakt met de bank dan is het raadzaam om zo snel mogelijk contact op te nemen met de bank.

Meer uitleg? Zie Veranderingen hypotheekrenteaftrek (met extra uitleg-video's).

A: Meer vermogen opbouwen in een spaar-, beleggings- of bankspaarhypotheek.

De mogelijkheid om het doelkapitaal van de hypotheek te verhogen verdwijnt. Mensen met een spaarhypotheek, beleggingshypotheek of een bankspaarhypotheek hebben met de bank afspraken gemaakt over hoeveel vermogen ze opbouwen tijdens de looptijd van de hypotheek: het doelkapitaal.

Mensen die hun doelkapitaal willen verhogen kunnen dat nog tot 1 april doen. Daarna is het verhogen hiervan niet meer toegestaan.

Met het doelkapitaal lossen mensen na de looptijd van de hypotheek (meestal 30 jaar) de schuld af. Ze kunnen de schuld geheel of gedeeltelijk aflossen. Mensen hebben dus een aflossingsvrije hypotheek en bouwen daarnaast vermogen op om uiteindelijk de schuld af te lossen.

Hierdoor hebben ze maximaal voordeel van de hypotheekrenteaftrek. Ze kunnen namelijk 30 jaar lang de volledige rente aftrekken, ze lossen immers pas na de looptijd hun schuld af. Ze krijgen dan dus meer renteaftrek terug dan wanneer ze elke maand een bedrag aflossen.

Daarnaast groeit hun vermogen door rente of beleggingsinkomsten. Zo helpt de bank of de beurs bij het opbouwen van kapitaal. Bij een beleggingshypotheek loop je ook het risico dat je gehele opbouw vervaagt doordat de aandelenmarkt instort. Maar mensen die een spaarhypotheek hebben of een bankspaarhypotheek ontvangen 30 jaar lang rente over hun ingelegde geld. Zo bouwen ze vermogen op met behulp van de bank. 

Als je elke maand een stukje van je hypotheekschuld aflost (zoals bij de annuïtaire hypotheek) betaal je ook elke maand minder rente. Je krijgt dan dus minder geld terug van de belastingdienst. Daarnaast ontvang je geen rente van de bank of kan je vermogen niet groeien op de beurs. 

Uiteindelijk is een hypotheek waarbij je elke maand aflost, de annuïtaire hypotheek, dus duurder dan een hypotheek waarbij je niks aflost totdat je hypotheek afloopt. 

Het kan dus fiscaal voordelig zijn om via een hoger doelkapitaal meer af te lossen. Maar dat is zeker niet de enige manier. Er zijn meerdere manieren om tijdens of na de looptijd de hypotheekschuld af te lossen. Zo kun je bijvoorbeeld ook sparen om de hypotheekschuld na 30 jaar af te lossen. Ook tijdens de looptijd aflossen is een mogelijkheid.

Meer uitleg? Zie Veranderingen hypotheekrenteaftrek (met extra uitleg-video's).

V: Wat kan er nog wel na 1 april?

A: Van hypotheekvorm veranderen.

Het blijft mogelijk om van hypotheekvorm te veranderen. Heb je nu een beleggingshypotheek en zou je in de toekomst liever een bankspaarhypotheek willen, dan kun je dat altijd nog omzetten. Het blijft dus mogelijk om van hypotheekvorm te wisselen.

Dat kan alleen onder voorwaarde dat het doelkapitaal niet verhoogd wordt en de looptijd hetzelfde blijft. Je kunt dus wel kiezen voor een andere vorm maar niet voor meer of minder opbouwen.

Heeft u nu een beleggingshypotheek, maar wilt u liever een bankspaarhypotheek, dan kunt u gerust na 1 april naar uw bank. Alleen als u het eindbedrag wilt verhogen, moet u voor 1 april in actie komen. Lees daarover meer hierboven bij Meer vermogen opbouwen in een spaar- beleggings- of bankspaarhypotheek.

A: Aflossen.

Het blijft ook na 1 april mogelijk om je hypotheek af te lossen. Als je nu een aflossingsvrije hypotheek hebt en je wilt meer aflossen dan kan dat na 1 april ook door bijvoorbeeld direct bij de bank een gedeelte van de hypotheek af te lossen.  Ook kan je sparen of beleggen om uiteindelijk een deel van de hypotheek af te lossen.

Wil je maximaal fiscaal voordeel op je hypotheek dan kun je alleen tot 1 april het doelkapitaal van je spaar- beleggings- of bankspaarhypotheek verhogen. Lees daarover meer hierboven bij Meer vermogen opbouwen in een spaar- beleggings- of bankspaarhypotheek.

© TROS Radar

Gerelateerd

Reacties

Op de Radar website moet je 'overige cookies' accepteren om te reageren op artikelen.

Ook interessant