toggle menu

'Klanten zonder mondkapje worden supermarkt niet uitgezet'

'Klanten zonder mondkapje worden supermarkt niet uitgezet'

Klanten die geen mondkapje dragen worden niet geweigerd in supermarkten. Dat bevestigt brancheorganisatie Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL) na berichtgeving van De Telegraaf. Horecaondernemers kondigen ondertussen aan op 17 januari weer open te gaan.

Dat supermarkten mensen zonder mondkapje niet gaan weigeren, is opvallend. Het Veiligheidsberaad, waarin de burgemeesters van de 25 veiligheidsregio's zitten, riep winkeliers eerder deze week nog op om weigeraars buiten te zetten. Dat is volgens de supers in de praktijk onmogelijk.

'Het is onze plicht om mensen te wijzen op de mondkapjesplicht, maar we kunnen ze niet weigeren', zegt een woordvoerster van het CBL. 'We zoeken naar oplossingen met de klant maar mogen omwille van de privacy niet eens vragen waarom iemand geen mondkapje draagt.'

CBL: 'Handhaven is niet aan ons'

Volgens het Veiligheidsberaad moeten winkeliers klanten buiten de deur zetten die geen mondkapje dragen. Doen ze dat niet, dan zijn ze in overtreding. Maandag lieten de burgemeesters nog weten winkels eerst te zullen waarschuwen, maar er kunnen hoge boetes en sluitingen volgen.

'Het is voor ons op dit moment best onduidelijk', aldus CBL. 'Handhaven is niet aan ons en dat staat ook op de website van de Rijksoverheid.' In extreme gevallen worden boa's ingeschakeld maar tot dusver zijn er geen incidenten geweest.

Ook horecabedrijven negeren regels: 'Wij gaan 17 januari weer open'

Horecabedrijven in vijftig steden en regio's in het land zeggen ondertussen op 17 januari weer open te gaan, zelfs als dat niet mag. De ondernemers zeggen het vertrouwen in het kabinet op. Zij zeggen niet anders te kunnen dan ongehoorzaam te zijn omdat ze op omvallen staan en steun vanuit de overheid uitblijft.

Onder meer in Breda, Maastricht, Eindhoven, Leiden, Leeuwarden, Arnhem, Nijmegen en Alkmaar hebben horecabedrijven zich bij de actie aangesloten. Den Haag, Amsterdam, Rotterdam en Utrecht doen niet mee.

Het gaat om ondernemers in vijftig lokale afdelingen van Koninklijke Horeca Nederland (KHN). Daarvan heeft de horecabranchevereniging er ruim 230. Eerder riep KHN-voorzitter Robèr Willemsen zijn achterban nog op niet dwars te doen. KHN zal volgens hem nooit oproepen tot burgerlijke ongehoorzaamheid.

Horecaondernemers voelen zich gedwongen zichzelf te redden

De horecaondernemers die opengaan zeggen wel dat KHN landelijk alles heeft gedaan om bij het kabinet de noodzaak voor steun voor de branche aan te kaarten. Dat lukt echter niet voldoende, waardoor ze zich gedwongen voelen 'zichzelf te redden'.

'Anders gaat 50 procent van de ondernemers in deze prachtige branche failliet. Er rest nu niets meer dan de keuze, opengaan of failliet gaan', zegt Johan de Vos die namens de opstandige regio's het woord voert.

'Branche krijgt te weinig steun van de overheid'

Horecaondernemingen moesten tijdens de eerste lockdown in maart al dicht en mochten in de zomer beperkt open. Sinds half oktober moesten zij opnieuw de deuren sluiten, terwijl daar volgens de ondernemers uit de branche niet genoeg steun vanuit de overheid tegenover staat. Dat minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) vorige week terloops liet vallen dat cafés en restaurants vermoedelijk nog wel tot na half januari dicht moeten blijven, zette bovendien kwaad bloed.

Tijdens feestdagen horeca open, levert te veel drukte op

De muitende KHN-afdelingen hebben bewust voor heropening in januari gekozen, omdat er vermoedelijk te veel drukte zou komen als ze met de feestdagen al open zouden gaan. 'We willen voorkomen dat eventueel oplopende cijfers aan ons toe worden geschreven', zegt De Vos. Bij de heropening houden ze zich aan de protocollen voor veilige opening die KHN eerder opstelde. 'Want wij zijn ervan overtuigd dat onze branche niet het probleem is.'

Bron: ANP

Ook interessant