toggle menu

Nederlands Opvangcentrum voor Papegaaien (achtergrond)

Het NOP, de Nederlandse Opvang Papegaaien in Veldhoven, is een van de grootste opvangcentra voor exotische vogels ter wereld. Het is een tehuis voor ongewenste papegaaien en parkieten. Ook vogels die door de overheid in beslag zijn genomen, worden hier ondergebracht.

Het NOP is een organisatie met sympathieke uitgangspunten: tegen wildvangst, tegen onverantwoorde handel, met als speerpunt: welzijn voor ongewenste papegaaien.

De stichting NOP ontfermt zich over duizenden bijzondere papegaaiachtigen, maar ook over pinguïns, apen en reptielen. Ook vangt het park in beslag genomen dieren op van de Douane en de inspectiediensten AID (overheid) en LID (Dierenbescherming).

Real life soap

In 1987 begint vogelhandelaar Tonnie van Meegen de Stichting Nederlandse Opvang Papegaaien.  In 1993 opent de Stichting een vogelpark in de bossen van Veldhoven. Dit groeit in vijftien jaar tijd uit tot een serieuze toeristische attractie, met een heuse real life soap op een regionale zender.

De NOP trekt tegenwoordig zo'n zeventigduizend bezoekers per jaar en heeft tientallen vrijwilligers, sponsoren en particuliere geldschieters. Het park opent deze zomer de grootste volière van Europa. Ook koopt het park 8 hectare grond bij, waarmee het verdubbelt in oppervlakte. Het NOP wil daar ook andere dieren gaan opvangen, zelfs tijgers en panters.

Op de website stelt de stichting NOP dat er sinds de oprichting duizenden dieren zijn opgevangen. En dat deze dieren allemaal een fijn thuis hebben gekregen op het terrein van de NOP, beter dan in de huiskamer in een kooitje.

Een geweldig initiatief, zou u denken. Toch zijn er sterke aanwijzingen dat de opvang veel te wensen overlaat.

Verdwenen

Eind 2008 krijgt Radar opmerkelijke tips binnen. Er zou veel mis zijn met de NOP, al zolang deze bestaat. We spreken een oud-medewerker, die uit veiligheidsredenen anoniem wil blijven. 'Er zijn de afgelopen jaren duizenden vogels verdwenen. Er komen heel veel vogels binnen en die zitten er allemaal niet meer,' aldus de oud-medewerker.

Papegaaien kunnen bijna net zo oud worden als mensen. Soms overleeft een vogel zelfs zijn baasje. Het park vangt papegaaien op van particulieren. Er zijn jaren dat er wel tien per dag binnen komen. Het zijn vaak vogels die thuis niet meer te handhaven zijn.

Zo ook Tonny, de blauw-gele ara van Sylvia Groot.

Tonny de blauw-gele ara

Last met de buren, bijten en krijsen: het beestje was niet meer houdbaar. Sylvia Groot besluit haar naar de NOP de brengen.

Mevrouw Groot: 'Ze gaan daar nooit meer weg, ze belanden nooit meer in de handel. Dus eigenlijk een superleven, voor een papegaai tussen soortgenoten. Dachten wij.'

Na een lastig afscheid brengen Sylvia en haar man nog regelmatig een bezoekje aan de NOP om te kijken hoe het Tonny vergaat. Ze vinden Tonny terug in een veel te klein kooitje. Ze kan nauwelijks bewegen. 'Ze kon op haar stok naar rechts schuiven, en naar links. Meer kon ze niet doen. Ik heb gezegd dat ik dit als dierenmishandeling beschouw en dat ik het heel erg vind om haar zo aan te treffen,' aldus mevrouw Groot.

Sylvia is er niet gerust op en gaat regelmatig terug. Ze treft Tonny opnieuw aan in zorgelijke staat. Ze is verhuisd maar zit nu opgesloten in een binnenhok. Ze hebben afstand van Tonny gedaan en kunnen weinig doen. Vijf maanden lang bezoeken ze het park. Tonny zit al die tijd in een ruimte waar zij geen kant op kan.

Sylvia voelt zich misleid: 'Want wij hebben die vogel afgestaan met het idee dat ze daar een beter leven zou krijgen dan bij ons. Maar ik heb het idee dat ze een slechter leven heeft nu. Dus ik wil haar terug. Ik zoek wel een andere oplossing.'

Na een pittig gesprek eist Sylvia Groot haar papegaai terug. Ze dreigt met gerechtelijke stappen, uiteindelijk bindt de NOP in. Sylvia is blij dat ze Tonny nog heeft. Ze beseft dat ze geluk heeft gehad. En dat zou best wel eens kunnen.

Smoesje

Eind 2008 verneemt Radar dat duizenden oud-papegaai eigenaren al jarenlang aan het lijntje worden gehouden. Mensen die navraag doen naar hun papegaai zouden allemaal het standaard verhaaltje te horen krijgen. Anoniem, bang voor zijn veiligheid, vertelt een oud-medewerker dit verhaal:

'Mensen krijgen steeds een standaard praatje te horen, steeds hetzelfde smoesje. Maar volgens mij moeten de mensen die bij het park werken, die moeten weten wat er met die vogel is. Dus mensen krijgen een smoesje te horen. Maar volgens mij staat er in de administratie duidelijk wat er met die vogels is gebeurd.'

Een smoesje. Het park zou dus mensen bewust in de waan laten dat het goed gaat met hun vogel. We bellen zelf met het park en krijgen te horen dat Lorre is het AID-gebouw 5 zit. We vragen hoe het met hem gaat. 'Geen nieuws is goed nieuws,' zo meldt het NOP.

Verborgen camera

We bezoeken eind november met verborgen camera het park. Op dezelfde dag staan, ook bij kooi 5, twee dames. Ze zoeken Pippo. 'Ik heb hem met pijn in mijn hart weggedaan, want ik had hem al 12 jaar. Dan breng je zo'n beestje weg. Dat is dan wel vervelend hoor. Ik hoopte hem hier te zien. Ik zat net in die andere kooi te kijken maar daar konden het ook al drie zijn. Daar zat hij dus helemaal niet bij.'

Veel mensen weten niet beter dan dat hun oude huisdier het goed maakt. En dat idee wil het NOP graag zo houden, volgens deze oud-medewerker: 'Op het moment dat ze bellen en blijkt bijvoorbeeld dat hij dood is. Als ze dat elke dag zouden moeten vertellen dan hebben ze daar een dagtaak aan. Ze willen dat simpelweg niet. En ze willen natuurlijk ook de donaties die mensen doen, willen ze blijven veilig stellen.'

10.000 papegaaien in 15 jaar

Radar krijgt in december bewijs in handen dat er ongelofelijk veel papegaaien bij de NOP binnenkomen. Uit deze overnamecontracten uit de administratie van de NOP blijkt dat er over 2006 maar liefst 730 vogels gebracht zijn. Veelal kerngezonde dieren. Dieren van honderden mensen dus die soms met pijn in het hart hun papegaai achterlieten in Veldhoven.

We krijgen ook gegevens over 2005 en 2007 onder ogen. Hieruit blijkt dat er in  2005 maar liefst 800 binnen zijn gekomen. En over het eerste half jaar van 2007 nog eens ruim 350.

We maken een voorzichtige berekening, waarbij we uitgaan van 650 vogels per jaar. Over 15 jaar zijn er dus zo'n tienduizend papegaaien binnengebracht bij het NOP.

Het park geeft aan drie- tot vierduizend papegaaien te hebben. Vogels die met goede verzorging even oud als mensen kunnen worden. Waar zijn ze? Hoe kan dit? De anonieme oud-medewerker: 'De precieze aantallen vogels zou ik niet weten. Volgens mij weten maar heel weinig mensen dat. Als je er naar vraagt, krijg je eigenlijk nooit een duidelijk antwoord.'

Hoeveel papegaaien zitten er nu precies? Radar weet de hand te leggen op een inventarisatie van het park. Zelf toetsten we deze telling en komen tot de conclusie dat er momenteel veel minder zitten dan het park claimt, namelijk minder dan tweeduizend. Uit een simpele rekensom blijkt dat er over de afgelopen drie jaar al meer papegaaien zijn binnengebracht dan dat er nu zitten.

'Het park bestaat al zo lang, dus er moeten vele duizenden, misschien wel 10 tot 15.000 papegaaien gebracht zijn. En iedereen begrijpt dat er vogels dood gaan. Maar de aantallen die hier dood gaan zijn zo groot, dat klopt gewoon niet,' aldus de anonieme oud-medewerker.

Duizenden vogels zijn gevlogen. Tachtig procent van wat er de afgelopen jaren is binnengebracht is er niet meer. Mensen brengen in goed vertrouwen hun papegaai naar Veldhoven. Hoe het daarna met hun oude huisdier vergaat blijft veelal onduidelijk, dit doet het ergste vermoeden. Waar zijn al die duizenden papegaaien gebleven?

Koelkast

Begin december meldt een Radarmedewerker zich aan als vrijwilliger. Zonder probleem krijgt hij meteen een leidinggevende functie toebedeeld. Gekwalificeerd hoeft het personeel dus niet te zijn.

We lopen een week mee met verschillende medewerkers. Een handjevol vaste krachten, stagiaires en andere vrijwilligers. We vallen van de ene in de andere verbazing. Zo zegt een van de medewerkers: 'Ik heb me ook wel eens afgevraagd: waar zitten die papegaaien dan, als er vierduizend zijn?'

Volgens onze informatie zou de koelkast in het voederhok gebruikt worden om dode papegaaien te bewaren. Deze koelkast wordt wekelijks geleegd. Een dag daarna zijn er in de koelkast twee dode vogels te betreuren.

Dat er vogels dood gaan in een opvang willen we best geloven. Maar als we verder vragen over sterfte of verdwenen vogels, wordt er terughoudend gereageerd door de vaste medewerkers. Of een rooskleurig plaatje voorgehouden. De anonieme medewerker: 'Een dierentuin heeft ongeveer 5 tot 7 procent sterfte per jaar. Over een dierentuin algemeen, of het nu een ijsbeer is of een kip. Bij ons is dat 3 procent, ongeveer. Dat is gewoon heel erg goed hoe wij dat doen.'

Als we opmerken dat  veel bezoekers hun dier niet kunnen vinden wordt er lachend gereageerd.

Apen

Dag 2 werken we bij de apen. Deze makaken ontsnappen regelmatig. Gek genoeg wordt er over het sterftecijfer bij andere dieren in het papegaaienpark minder geheimzinnig gedaan.

'Net aan het einde van de zomer, toen zat de wc hier verstopt. Toen is de zaak overstroomd en [het water is] in het buitenverblijf binnengekomen. Apen hebben iets met geur dus die zijn erin gaan zitten en daarna likken ze elkaar schoon dus. In een week tijd was ik er al 12 kwijt,' aldus een medewerker.

Bijna de hele apenkolonie is dus vervangen. Bij het schoonmaken van het pinguïnverblijf blijkt de pinguïnpopulatie praktisch gehalveerd te zijn, ook tot verbazing van de vaste medewerker: 'Het worden er steeds minder.'

Stagiaires en vrijwilligers

Opvallend is dat het park door de week zo'n beetje draait op stagiaires; jonge mensen zonder ervaring. Een van de stagiaires zegt tegen de Radarmedewerker: 'Ik loop dan hier stage, zeg maar. Er loopt hier niet echt een vast iemand rond, die alles kan zeggen.'

In het weekend is het park afhankelijk van vrijwilligers die er lang niet altijd zijn. 'Als ze niet komen in het weekend, dan wordt er dus gewoon niks gevoerd. En het is allemaal vrijwillig, dus soms moet je dan gewoon je mond dichthouden,' zo zegt een leidinggevende tijdens een overleg.

De leiding bevestigt dus onze constatering: er is nauwelijks professionele zorg. Dit voor bijzondere soms zeldzame dieren die met veel expertise verzorgd moeten worden. Zo blijkt tijdens de werkweek van de Radarmedewerker dat op een dag bepaalde vogels helemaal geen water hebben. Ook vragen we of er weleens vogels doodgaan: 'In de zomer waren het er best wel veel, twee per dag ofzo. Ja, ik vond dat heel veel.'

We controleren zo terloops op dag 3 maar weer eens de koelkast. Er zijn er 3 bijgekomen, er liggen nu 5 dode papegaaien in de koelkast.

Onzichtbaar

We vliegen naar Mansfield in het hartje van Groot-Brittannië. Dit om onze informatie en bevindingen voor te leggen aan een deskundige van wereldfaam. Deze Britse expert, Rosemary Low, schreef 40 boeken over  papegaaien. November 2007 bezocht ze uit interesse de NOP: 'Ik was daar op een zondag in de middag. Mij viel meteen op dat de vogels nog niet gevoerd waren,' aldus Low.

Rosemary Low beheerde jarenlang 2 grote vogelparken op de Canarische Eilanden: 'Het principe is dat je veel personeel hebt - en moet hebben - op zo'n park. Naar mijn mening was het personeel hier onzichtbaar en was er te weinig personeel.'

Grote kooien

Het park in Veldhoven kenmerkt zich vanwege zijn grote kooien. Vorig jaar werd met grote trots de 'Reuze Vlucht' geopend. Een gigantische volière waar honderden vogels samen zitten. Volgens expert Low is dit zeer onwenselijk: 'Naar mijn mening kan dit een oorzaak zijn van het hoge sterftecijfer.'

Het park heeft met de grote volières een ware publiekstrekker te pakken, maar erg diervriendelijk is het dus niet volgens de deskundige. Het is dan ook niet toevallig dat papegaaien elkaar regelmatig doodbijten.

Tijdens het verblijf van onze Radarmedewerker is er ook gevochten. Zo zegt een medewerker: 'Ze hebben er net eentje richting ziekenboeg gebracht. Daar was de halve vleugel afgebeten door een andere. Deze is er wel heel slecht aan toe.'

Die dag gaan er twee vogels in dezelfde volière dood door gevechten.

Rosemary Low reageert: 'Het is niet gek dat dit gebeurt. Papegaaien zijn heel agressieve vogels. Ik vind het onacceptabel dat dit kan gebeuren. Het park moet hiervoor aangeklaagd worden.'

Ongekend dodenaantal

Tijdens ons verblijf inventariseren we het park. We komen tot amper 2000 vogels, waarvan 1500 papegaaien. We zijn niet de enigen die twijfelen aan het totale bestand. 'Ik heb me ook wel eens afgevraagd: waar zitten die papegaaien dan als er vierduizend zijn? Maar ze schijnen er echt zitten,' zegt een van de medewerkers met wie we meelopen.

Zoals we eerder zeiden, zijn er door de jaren heen minimaal 10.000 vogels binnengekomen. Tachtig procent zou dus gevlogen zijn of gestorven. Uit foto's die Radar in handen krijgt, blijkt er een ongekend dodenaantal te zijn. Op een van de foto's staan de doden van vier dagen. Het zijn er 27. We laten Rosemary Low de foto's zien: 'Dertig vogels in 1 dag? Dat is veel meer dan ik had verwacht!'

Omdat we bijna niet kunnen geloven dat er zoveel vogels zouden dood gaan, blijven we die week de koelkast in de gaten houden. We zien de koelkast langzaam voller en voller raken.  Aan het einde van de week controleren opnieuw. De koelkast zit vol!

In een week tijd zijn dat 12 slachtoffers. Aan de medewerkers de ondankbare taak de vogels te tellen.

Als we alles op een rijtje zetten moeten we concluderen dat 12 dode papegaaien in een week geen toeval is bij de NOP. Dit zou betekenen dat er per jaar ruim 500 vogels sterven. En dat is bijna evenveel als er binnenkomt. Papegaaiendeskundige Rosemary Low is geschokt: 'Dit is absoluut verschrikkelijk!'

Inspectiediensten

Met het dierenwelzijn en management is het dus zorgelijk gesteld. Resultaat: duizenden papegaaien gesneuveld of gevlogen. De deskundigen zijn ontdaan. In onze zoektocht stuiten we op een oud justitiëel onderzoek van de inspectiediensten. En dan blijkt dat de overheid al jarenlang op de hoogte is van de wantoestanden. Desondanks maken de inspectiediensten, AID en de LID, gebruik van de papegaaienopvang. Het park krijgt geld voor de opgevangen dieren.

De stichting presenteert zich als een paradijs voor papegaaien, waar particulieren met hun dier terecht kunnen. Maar de AID heeft hier ook een opvang.

Midden op het park is een gebouw gereserveerd voor de opvang van in beslag genomen dieren. Alle vogels die illegaal Nederland binnenkomen, of die bijvoorbeeld verwaarloosd zijn, komen onder de hoede van de NOP. En blijkbaar is het park goed op de hoogte van de dagen dat de inspectie komt controleren: 'De leiding weet altijd ongeveer wanneer de controleurs komen. Dus dan moeten we het helemaal schoonmaken. Maar als je het gewoon een beetje bijhoudt...'

Het is dus lucratief voor het park deze deal met de inspectiediensten.

Strafrechtelijk onderzoek

Acht jaar geleden wordt de Nederlandse vogelarts Jan Hooijmeijer benaderd door de Landelijke Inspectie Dienst, ze willen een strafrechtelijk onderzoek starten naar het opvangcentrum. Hooijmeijer wordt gebruikt als getuige en deskundige. Met zijn bevindingen start de LID in 1997 samen met de AID en de Marechaussee een grootscheeps onderzoek.

Acht maanden lang doen vijf opsporingsambtenaren onderzoek naar de praktijken van Tonnie van Meegen. Het levert een vuistdik rapport op met vernietigende feiten. Via zeer betrouwbare bronnen rondom het onderzoek, komen de conclusies uit dit rapport in handen van Radar.

'Er zijn uit het onderzoek de volgende strafbare feiten aangetoond:

A.) Gezondheids- en welzijnswet voor dieren:

           1. geen goede huisvesting

           2. geen adequate verzorging

           3. het laten voortbestaan van besmettelijke dierziekten

B.) Wet bedreigde uitheemse dier- en plantensoorten

           1. geen of onvoldoende registratie

           2. illegale handel

C.) Wetboek van strafrecht

           1. valsheid in geschrifte

           2. oplichting

           3. verduistering

Verdachte is meneer Van Meegen'

Vernietigende conclusies dus.

Amateuristisch

Hooijmeijer: 'En tot ieders frustratie, van de inspecteurs  en eigenlijk ook mijn frustratie is dat voor mijn gevoel volkomen in de doofpot gekomen, er is niets mee gebeurd. In die zin dat het ook daadwerkelijk veranderingen teweeg heeft gebracht binnen de politiek van het opvangcentrum.'

Het OM laat ons weten dat de zaak inderdaad in 2002 geseponeerd is. Dit terwijl de conclusies van het onderzoek er niet om liegen. Hooijmeijer is na tien jaar nog verbijsterd: 'Dat was 10 jaar geleden ook 1 van de dingen die naar voren kwam. Stel ze gaan allemaal de bak in, wat gebeurt er dan met het opvangcentrum? Wat gebeurt er met die vogels? Het is zo'n amateuristisch verhaal, zo amateuristisch.'

Tien jaar na het onderzoek in 2007 bezoekt papegaaiendeskundige  Rosemary Low opnieuw het park. Haar conclusies over het welzijn liegen er niet om. Gelijk bij thuiskomst schrijft ze het park haar bevindingen. Ook schrijft ze verontrust de Nederlandse autoriteiten aan: 'Ik heb de Dienst Regelingen van het ministerie aangeschreven. Ik heb nooit antwoord gehad. Ik snap dat wel. Kritiek op het park is indirect kritiek op hen, omdat ze gebruik maken van de faciliteiten.'

EAZA

Ook doet Tonnie van Meegen in 2005 een poging om lid te worden van de Europese Verening van Dierentuinen, EAZA. We bellen met de vereniging en krijgen de volgende reactie:

'Stichting Nederlandse Opvang Papegaaien did apply for membership of EAZA in August 2005.  However as at that time the institution did not meet the most basic standards of EAZA membership the application was put on hold and EAZA requested a progress report to demonstrate that improvements had been made. This progress report was received in June 2007.

Following this date EAZA received several complaints from respected individuals within the EAZA community that standards still did not reach those appropriate for EAZA membership and therefore Stichting Nederlandse Opvang Papegaaien was infomed in June 2008 that their membership application would not be proceeding.

After receiving a letter from the Mr van Meegen expressing his dispappointment at the rejection the case was discussed again by the Membership and Ethics Committee of EAZA.  The Committee decided not to change its original decision and their membership application was rejected. Due to the disappointment Mr van Meegan expressed we did offer to visit him and discuss the reasons why.  We communicated this to him by letter in October 2008 and have received no reply.'

Het komt er dus op neer dat zijn verzoek meerdere keren is afgewezen. Zijn park voldeed niet aan de voorwaarden voor een dierentuin en kritische geluiden van de EAZA waren de reden.

Dat het papegaaienpark van directeur Tonnie Van Meegen omstreden blijft, blijkt ook wel uit deze vragen van Tweede kamerlid Ormel van het CDA een half jaar terug. Vragen gericht aan Minister Verburg van Landbouw.

– Klopt het dat de Stichting Nederlandse Opvang Papegaaien zelf papegaaien importeert en verhandelt? Heeft zij daarvoor een vergunning?

* Antwoord minister Verburg: De minister kan niet ingaan op de resultaten van het AID-onderzoek naar de handel in papegaaien door het opvangcentrum. Opvangcentra worden erop gewezen dat zij niet worden geacht te handelen in dieren.

In deze vraag wordt de NOP in verband gebracht met import en handel. In het antwoord van de minister blijkt dat er een AID onderzoek gaande is naar het opvangcentrum.

Hieruit kunnen we concluderen dat er aanleiding moet zijn geweest om het park vorig jaar nog onder de loep te nemen.

Toekanopvang in Suriname

Terug bij het NOP krijgen we te horen dat directeur Van Meegen tegenwoordig internationaal denkt. En dat hij momenteel een toekanopvang in Suriname opzet. Dit wordt bevestigd door een van zijn medewerkers: "Ja in Suriname wil hij een nieuw park gaan opbouwen."

We vragen expert Rosemary Low wat ze hiervan denkt. 'Suriname is een exportland, dus dat lijkt op handel. Toekans zijn erg lucratief,' aldus Low.

Een van de medewerkers heeft een duidelijk mening: 'Wij kopen juist expres wildvang op om je dan vers bloed hebt om de kweken. In principe zou het ideaal zijn deze vogels. Wij hopen dus dat ze vrijgegeven worden, dat justitie zegt: jullie zijn experts, herplaats ze maar. Dan zijn wij een gek van onze portemonnee als we zeggen: die gaan we daar plaatsen, natuurlijk niet.'

We vragen ook dierenarts Hooimeijer om zijn mening: 'Een opvangcentrum is natuurlijk een organisatie die opkomt voor de belangen van papegaaien die tussen de wal en het schip komen. Tegelijkertijd een organisatie die voorkomt dat er nog meer papegaaien worden aangeboden door goede informatie en voorlichting. En goede opvangcentra hebben ook een goed adoptiebeleid. Alle drie van deze kenmerken vind ik niet terug in het beleid van het NOP. Dus ik ben het spoor bijster.'

Meer dan 10.000

Serieuze onderzoeken, extreem hoog sterftecijfer, slechte verzorging, onverantwoord management. Dit terwijl mensen in goed vertrouwen hun papegaai naar het park brengen. Genoeg reden om de NOP te bezoeken en vragen te stellen aan de directie.

We leggen meneer Van Meegen onze inventarisatie van 2000 vogels voor. Hij is het met die telling niet eens. Aan het begin van het gesprek oppert hij dat er meer dan 4500 zitten. Maar nadat hij een uitdraai uit het systeem heeft laten maken, blijken het er volgens zijn administratie 3600 te zijn. Dat er meer dan 10.000 zijn binnengebracht de afgelopen 15 jaar, beaamt hij: 'Ik denk dat het er wel meer zijn geweest zelfs,' aldus Van Meegen.

We leggen hem voor dat 80% van alle binnengebrachte vogels dood of verdwenen is. 'Dat kan wel kloppen ja, maar dat is normaal voor een opvang. De dieren die hier binnen worden gebracht, zijn oud en vaak in zeer slechte conditie.'

Kerngezond

Volgens de Stichting zou de massale sterfte dus te maken hebben met de leeftijd van de papegaaien die binnen worden gebracht. Maar uit de eigen administratie van 2006 blijkt de gemiddelde leeftijd slechts 17 jaar bij binnenkomst te zijn. Ook zien we in de eigen overnamecontracten dat slechts 5 procent van de binnengebrachte vogels een kwaaltje heeft. De rest is dus volgens het park kerngezond.

Rosemary Low reageert: 'In dierentuinen wordt een verlies van 10% per jaar normaal bevonden. Ik ben het daar niet mee eens, ik denk dat dat rond de 4% moet zijn. Deze getallen, 80%, dat is een teken van verschrikkelijk verwaarlozing.'

Per jaar worden er rond de 700 papegaaien binnengebracht. Meer dan 500 papegaaien sterven per jaar: 'Er gaan er soms meer dood dan dat er binnenkomen ja. In een bejaardentehuis gebeurt dat toch ook.'

Dierenarts Hooimeijer reageert: 'In de wetenschap dat papegaaien ons kunnen overleven, 50, 60, 70 jaar kunnen worden, is dat een enorm hoge uitval. En ik heb opvangcentra bezocht in Amerika, waarbij, als men dan 500 papegaaien heeft zitten, en er gaan er in 1 jaar tijd 10 dood, dat men dat vreselijk vindt en er een jaar later nog over schrijft en praat. Dat Lola die witkuif vorig jaar is doodgegaan. En dan zie je een heel ander verhaal, want Lola had er nog 40 jaar kunnen zitten. Dus gaat Lola tussendoor dood, dan is dat eigenlijk gewoon dramatisch.'

Lola de Witkuif is bij de NOP al lang vergeten. Het argument dat de vogels oud of ziek binnenkomen lijkt een fabeltje. Tachtig procent is verdwenen of dood. Veelal gezonde dieren in hun pubertijd. Tonnie van Meegen heeft daar een andere kijk op: 'Kinderen gaan ook dood.'

Reactie van de Dierenbescherming

De Dierenbescherming reageert geschokt op onze uitzending.

'De Dierenbescherming is enorm geschrokken van de misstanden binnen het NOP in Veldhoven, zoals die door het TROS TV-programma Radar zijn gepresenteerd. Omdat deze instelling door de overheid is aangewezen als opvangadres voor onder meer in beslag genomen dieren, gaat de

Dierenbescherming ervan uit dat minister Verburg als verantwoordelijk bewindspersoon haar verantwoordelijkheid neemt en met passende maatregelen komt, waarbij borging van dierenwelzijn natuurlijk een eerste prioriteit is. Of er sprake moet zijn van strafrechtelijke

vervolging is aan Justitie.

Bij het Ministerie van LNV loopt een aanbestedingsronde voor opslaghouders van in beslag genomen dieren. De Dierenbescherming heeft in een uitgebreide reactie op de kwaliteitscriteria die in dit kader zijn opgesteld, aangegeven zich

zorgen te maken over juist ook de categorie vogels en exoten. Voor zover bekend wordt hier door LNV nog niet aan gewerkt c.q. is dit ook niet gepland.

De Dierenbescherming dringt hier opnieuw op aan.'

Reactie van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

We hebben uiteraard ook het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit om een reactie gevraagd. Mochten er uit onze uitzending blijken dat er strafbare feiten worden gepleegd, zal de AID daar een onderzoek naar starten.

De reactie: 'Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit verzorgt via haar uitvoeringsorganisatie Dienst Regelingen de opvang van in beslaggenomen dieren. Het gaat dan bijvoorbeeld om dieren die Nederland zijn binnengesmokkeld of dieren uit Nederland die vanwege verwaarlozing in beslag zijn genomen. Vaak zijn de dieren die in de opvang terecht komen in slechte conditie. Dit komt door de omstandigheden waaronder ze Nederland worden binnengesmokkeld of zijn gehouden. Het aantal dieren dat dus uiteindelijk overlijdt is hoog. Dat betekent niet dat de opvangcentra zich niet houden aan de regels en eisen rondom de opvang van dieren.

Dienst Regelingen sluit met opvangcentra contracten af voor de opvang van de in beslaggenomen dieren. Een opvangcentrum dat in aanmerking wil komen voor het opvangen van in beslaggenomen dieren moet aan kwaliteitseisen voldoen. Deze eisen zijn opgenomen in de Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren.

Ook worden er regels gesteld vanuit CITES-regelgeving (CITES regelt de internationale handel in bedreigde dieren en planten). We controleren met regelmaat of de opvangcentra zich houden aan de eisen die aan hun opvang worden gesteld. Als er onregelmatigheden worden geconstateerd nemen we daarop direct actie. Als dat niet tot resultaat leidt, verbreken we de samenwerking. Uit privacyoverwegingen maken we de namen van centra die in beslaggenomen dieren opvangen niet bekend.

Alle opvangcentra moeten zich houden aan de eisen uit de Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren. Dit geldt ook voor centra die geen in beslaggenomen dieren opvangen voor het ministerie. Deze eisen worden gecontroleerd door de Algemene Inspectiedienst van het ministerie. De opvang van honden en katten controleert de Landelijke Inspectiedienst van de Dierenbescherming.

Mocht uit de uitzending blijken dat er strafbare feiten worden gepleegd, dan zal de AID daar een onderzoek naar starten,' aldus LNV.

Reactie van het CDA

In de studio was Henk Jan Ormel van het CDA aanwezig. Hij had vorig jaar al vragen gesteld over de stichting aan zijn minister. Naar aanleiding van de uitzending gaat hij opnieuw vragen stellen. Hij weten wat de uitkomsten zijn van het AID-onderzoek dat vorig jaar is gedaan naar de NOP. Daarnaast wil hij graag van de minister weten hoe zij naar die resultaten gaat handelen.

Reacties

Op de Radar website moet je 'overige cookies' accepteren om te reageren op artikelen.

Ook interessant