toggle menu

Rekenvoorbeeld woekerpolis (Achtergrond)

Uit berekeningen die Radar heeft laten maken, blijkt dat door de uitspraak van de Financiële Ombudsman, de heer Wabeke, bezitters van woekerpolissen niet of nauwelijks worden gecompenseerd.

De Ombudsman, die betaald wordt door een door de verzekeringsbranche gefinancierde stichting, adviseerde vorige week dat de kosten van een beleggingspolis niet verder mogen op lopen dan 3,5% aan gemiddeld rendement per jaar. Eerder berekende de Autoriteit Financiële Markten (AFM) dat gemiddeld 40% aan kosten wordt ingehouden over de hele looptijd.

Het verschil in berekening van kosten zit hem in de toevoeging "rendement per jaar". Worden de kosten vertaald naar een rendement, dan lopen ze door de jaren heen op tot meer dan 45% over de hele looptijd.

Een voorbeeld. Stel een klant legt €100 per maand in en behaalt een bruto rendement van 6%. Dat betekent dat in 30 jaar tijd diegene op een eindkapitaal komt van €98.000. Maar indien er, conform de aanbeveling van de Ombudsman, per jaar 3,5% rendement als kostenaftrek mag zijn, dan komt diegene uit op €53.400 - dat is omgerekend een kostenafslag van maar liefst 45,5% van iedere premie.

Daar bovenop komt nog dat de AFM de kosten voor een overlijdensrisicodekking meenam in haar 40%. De Ombudsman laat deze te hoge verborgen kosten binnen woekerpolissen ongemoeid - die komen er voor de consument nog bij. Hetzelfde geldt voor de kosten voor de tussenpersoon: ook deze rekent de Ombudsman niet mee.

Bij uitstek deze kosten zijn niet transparant, maar kunnen gemakkelijk oplopen tot 20%, gedurende de eerste vijf jaar van de premie. Deze kosten komen dus nog bovenop de 45,5% uit het voorbeeld.

Reacties

Op de Radar website moet je 'overige cookies' accepteren om te reageren op artikelen.

Ook interessant