toggle menu

Werkende Nederlander in de problemen, Raad komt met aanbevelingen

Werkende Nederlander in de problemen, Raad komt met aanbevelingen

Veel Nederlanders hebben het zwaar op de arbeidsmarkt, zo stelt de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR). De Raad beschrijft in een advies drie ontwikkelingen waarvan de werkende Nederlander problemen ondervindt en roept de regering op om in actie te komen. De WRR doet dit aan de hand van negen aanbevelingen. 

In het advies 'Het betere werk: de maatschappelijke opdracht' beschrijft de WRR dat de hoeveelheid van het werk, en vooral de aard van het werk, een grote invloed heeft op individuen en de samenleving als geheel. Door een drietal ontwikkelingen staat de kwaliteit van het werk onder druk, waardoor voor werkenden ook de kwaliteit van leven op het spel staat. Dit is reden voor verandering volgens de WRR. 

Technologisering, flexibilisering, intensivering

De WRR noemt technologisering als eerste ontwikkeling die een negatieve invloed heeft op het werk van Nederlanders. Technologie kan banen kosten, maar het hoeft volgens de WRR nog niet per definitie een slechte ontwikkeling te zijn. De Raad stelt vooral dat er te weinig wordt ingezet op de samenwerking tussen mens en machine. 

Een ander probleem is de flexibilisering op de arbeidsmarkt. Deze is in vergelijking met andere landen vrij groot in Nederland; zo'n 36 procent van de werkenden heeft geen vast contract. Het zorgt voor onzekerheid en weegt mee in de levenskeuzes die mensen maken, wat niet bevorderend is voor de kwaliteit van leven. 

Intensivering van het werk wordt genoemd als laatste ontwikkeling. De snelheid en aard van het werk nemen soms vormen aan die de kwaliteit van het werk negatief beïnvloeden. Ook hebben mensen door intensivering minder plezier in het werk, wat wederom doorwerkt in de kwaliteit. De WRR stelt dat mensen die de hoge eisen niet aankunnen (doordat ze bijvoorbeeld een arbeidsbeperking hebben of moeten re-integreren na ziekte), uit de arbeidsmarkt worden gedrukt. 

De WRR benadrukt dat het hebben van werk goed is voor individuen en voor de samenleving als geheel. Maar dit moet dan wel goed werk zijn. 

Wat is goed werk? 

In het advies beschrijft de WRR de eisen waar een baan aan moet voldoen om te worden bestempeld als 'goed werk'. De Raad noemt drie condities. Een werkende moet hebben: grip op geld, grip op het werk en grip op het leven. Dit houdt in dat het werk voldoende financiële zekerheid op moet leveren (geld), een zekere vrijheid moet hebben waarbij een beroep wordt gedaan op persoonlijke capaciteiten (werk) en te combineren moet zijn met het privéleven en zorgtaken (leven). 

'Als hieraan niet wordt voldaan, is dit nadelig voor werkenden en arbeidsorganisaties, en kan dit leiden tot hoge maatschappelijke kosten', schrijft de WRR in het rapport. 

Negen aanbevelingen

De WRR doet op basis van de drie condities een negental aanbevelingen om beter werk voor Nederlanders te bewerkstelligen. Zo pleit de Raad voor een basisbaan voor mensen met weinig kans op de arbeidsmarkt en wil het oneerlijke concurrentie tussen werkenden voorkomen. 

Het hele advies, inclusief de negen aanbevelingen, vind je op de website van de WRR. Het advies wordt woensdagavond gepresenteerd aan minister Koolmees (Sociale Zaken). 

Ook interessant