Houtkachel in 2026: Gezellig warm of kostbare miskoop?

Een knisperend vuur in de kamer lijkt een aangenaam alternatief voor de hoge gasprijzen en de onzekerheid van het energienet. Fabrikanten laten zien dat moderne kachels door nieuwe technieken 'klimaatvriendelijk' zijn en veel minder uitstoten dan vroeger. Maar de regels rondom houtstook zijn de afgelopen jaren flink aangescherpt. Is het echt een goede investering? Of is een moderne kachel alsnog schadelijk voor je? En mag die kachel straks eigenlijk nog wel aan?
EcoDesign-label betekent niet per se duurzaam
Sinds 2022 mogen houtkachels alleen nog worden verkocht met een EcoDesign-label. Het is geen keurmerk voor duurzaamheid, maar een minimumeis om op de markt te mogen verschijnen.
Om het label te krijgen, moet een kachel in een laboratorium aantonen dat het rendement voor houtkachels minimaal 65 procent is en voor pelletkachels 79 procent. Dit betekent dat dit deel van de energie in het hout ook echt als warmte de kamer in moet gaan. Ook moet de uitstoot van fijnstof onder 40 mg/m³ blijven. Ter vergelijking: een oude open haard stoot vaak meer dan 800 mg/m³ uit.
Fabrikanten voeren deze tests vaak uit in een laboratorium, waar de omstandigheden perfect zijn. Jouw woonkamer heeft dat waarschijnlijk niet. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) waarschuwt dat de uitstoot bij je thuis vaak vijf tot tien keer hoger ligt dan in de folder staat. Uit onderzoek van de ILT en TNO in 2024 bleek zelfs dat 80 procent van de geteste EcoDesign-kachels de beloofde waarden in de praktijk niet haalt. Zodra je de deur van de kachel opent om hout bij te vullen, of als de schoorsteen niet optimaal trekt, gaat dat meteen ten koste van de luchtkwaliteit.

De impact van installatie en gebruik
Een woordvoerder van Milieu Centraal zegt dat de werkelijke uitstoot heel anders kan uitvallen dan op papier staat: "Fabrikanten presenteren nieuwe kachels als veel schoner, maar bij een fijnstofexperiment dat we gedaan hebben bij een gezin thuis deed een EcoDesign-kachel het soms helemaal niet beter dan een oud model. Dat hangt namelijk ook af van of het apparaat op de juiste manier is geïnstalleerd. "Natuurlijk doen aanbieders hun best om een zo goed mogelijk apparaat te maken, maar hout verbranden blijft wat het is: een proces waarbij schadelijke stoffen vrijkomen."
De Nederlandse Haarden- en Kachelbranche (NHK) herkent dit verschil. Zij noemen een kachel een 'halffabricaat': pas door een goede installatie en het juiste gebruik wordt het een werkend product. De NHK stelt: "Absolute garanties over emissies in elke situatie zijn niet realistisch en worden door de sector ook niet gesuggereerd. Om die reden zet de sector in op erkende vakinstallateurs, gecertificeerde rookkanalen, gerichte gebruikersvoorlichting en, waar mogelijk, gebruikstraining."
De NHK benadrukt dat rook in de kamer niet bij het apparaat hoort: "Bij moderne houtkachels die vakkundig zijn geïnstalleerd en op de juiste wijze worden gebruikt, is in beginsel geen sprake van emissies in de woonkamer." Volgens de branche gebeurt dit alleen door fouten, zoals een onjuiste installatie of verkeerd gebruik.
Waarom hout vaak slechter scoort dan gas
In vrijwel elke online showroom van kachels kom je de kreet "gesloten kringloop" tegen. Het is een argument dat stelt dat een boom tijdens zijn leven CO2 uit de lucht opneemt, en dat diezelfde hoeveelheid weer vrijkomt als je het hout verbrandt. In die theorie stoot je dus netto niets extra’s uit en ben je 'klimaatneutraal' bezig. Het wordt verkocht alsof je de CO2-uitstoot direct weer weg kan strepen door een nieuwe boom te planten.
Maar in de praktijk gaat dat niet op. Milieu Centraal en het RIVM waarschuwen dat deze rekensom jaren groei over het hoofd ziet. De CO2 die jij op een koude januari-avond door de schoorsteen jaagt, heeft een boom er 20 tot 50 jaar over gedaan om op te slaan.
Rendement en warmteverlies
De branche spreekt liever van 'hernieuwbare energie' dan van 'klimaatneutraal'. Volgens de NHK is de kachel een lokale verwarmer die helpt om minder fossiel gas te verbruiken: "Duurzaamheid is daarbij een bredere afweging dan uitsluitend CO2 per kilowattuur."
Ook efficiëntie is een kwestie. Een moderne CV-ketel op gas haalt bijna alle energie uit de brandstof en zet deze direct om in warmte. Een houtkachel is, hoe modern ook, minder efficiënt. Er gaat warmte verloren via de schoorsteen en de verbranding is nooit zo volledig. Bovendien is de warmte van een kachel vaak plaatselijk en daardoor niet genoeg om het hele huis te verwarmen. Volgens Milieu Centraal hebben veel mensen vooral het romantische en gezellige beeld van de kachel, waardoor er minder rekening wordt gehouden met de impact op het klimaat en de gezondheid.
De Stookwijzer: van advies naar lokale wet
De Stookwijzer is een website waarop je kunt zien of het weer en andere omstandigheden geschikt zijn om te stoken. In bijna 300 gemeenten wordt de Stookwijzer actief gebruikt. In een groeiend aantal van deze gemeenten is de wijzer inmiddels officieel opgenomen in het Omgevingsplan, waardoor het advies verandert in een lokale wet. Wanneer de wijzer op oranje of rood staat, zoals vaak gebeurt bij mist of windstil weer, geldt er een stookverbod.
Amersfoort loopt hierin voorop: daar gaan handhavers bij ongunstig weer daadwerkelijk de wijk in om te controleren op rookoverlast. Wie daar bij code oranje of rood toch stookt, riskeert een dwangsom van 100 tot 400 euro. Utrecht gaat nog een stap verder en werkt toe naar een volledig verbod op houtstook binnenshuis vanaf 2030, ongeacht de weersomstandigheden.
Milieu Centraal ziet de trend om lucht in wijken gezonder te krijgen landelijk toenemen: “Er is een duidelijke kentering gaande in hoe gemeenten hiermee omgaan. Het onderwerp staat in veel gemeenten op de agenda en er wordt nieuw beleid gemaakt. Je kunt diep in de buidel tasten voor de best mogelijke kachel en perfect stoken, maar als de buren klagen of de lokale regels veranderen, houdt het toch op."
De NHK wijst erop dat de Stookwijzer landelijk een advies is en geen wet. Volgens de branche is het landelijke beleid niet gericht op een verbod: "De beleidsinzet is gericht op emissiereductie en verbetering van luchtkwaliteit, niet op het verbieden van een specifieke verwarmingsvorm."
Is de investering dan wel rendabel?
Een moderne houtkachel van kwaliteit is in 2026 een flinke investering. Voor een veilig dubbelwandig rookkanaal en professionele installatie ben je al snel tussen de 5.000 en 7.000 euro kwijt. Er wordt vaak beloofd dat dit bedrag terugverdiend wordt omdat je minder gas gebruikt. Maar volgens data van Milieu Centraal geeft de Stookwijzer gemiddeld de helft van de tijd code oranje of rood aan, waarop je dus niet mag stoken.
Milieu Centraal schat in dat je de kachel op 50 procent van de koude dagen niet mag gebruiken vanwege het weer of lokale wetten. Die dagen bespaar je dan ook de helft minder op je gasrekening.
Wat zijn de alternatieven?
Wil je wel sfeer in huis of besparen op de gasrekening, maar met minder risico's? Kijk dan naar deze opties:
- De hybride warmtepomp: Dit is momenteel de meest toekomstbestendige keuze. Het apparaat werkt samen met je huidige CV-ketel en bespaart tot 70 procent op je gasverbruik, zonder dat je afhankelijk bent van het weer of stookverboden.
- De pelletkachel: Een pelletkachel brandt schoner dan een houtkachel door de automatische verbranding. Toch is dit geen vrijbrief. Ook voor pelletkachels geldt in steeds meer gemeenten dat de Stookwijzer leidend is.
- De elektrische haard: Voor wie puur voor de gezelligheid gaat. De moderne varianten (met waterdamp of led-techniek) lijken erg op een dansend vuurtje. Je hebt dan geen rookkanaal nodig en stoot nul fijnstof uit.
Ondanks alle technieken en labels blijft de impact op je gezondheid een struikelblok met een kachel. Milieu Centraal: "Je ontkomt er simpelweg niet aan dat er fijnstof vrijkomt in je woning. Ook kleine hoeveelheden kunnen schadelijk zijn. Vergelijk het met sigaretten: een heel pakje is slechter, maar ook één enkele sigaret is al schadelijk."
Je krijgt dan ook geen stooktips van Milieu Centraal, maar wordt uitgenodigd om goed na te denken over de blijvende risico's.