toggle menu

Tien jaar medicijnen slikken, zonder controle tussendoor: is het niet tijd voor een jaarlijkse medicatie-APK?

'Ik slik vanaf mijn 22ste antidepressiva. Het plan was dat ik het ongeveer een jaar zou slikken. Ik ben nu 47.' Het is maar één voorbeeld van langdurig medicijngebruik waarbij weinig of geen tussentijdse beoordelingen plaatsvinden. Het komt meer voor dan je zou denken. Uit een enquête van Radar blijkt dat maar liefst 39 procent van de mensen nooit iets hoort van de arts of apotheker.

Dit terwijl er door de jaren heen veel verandert, zowel lichamelijk bij de patiënt als qua medicijnaanbod. Ook kunnen er langetermijneffecten en verslaving op de loer liggen. Is het niet tijd voor een jaarlijkse medicatie-APK?

Enquête

Uit de enquête onder ruim 30.000 panelleden blijkt dat zo’n 27.000 respondenten medicijnen gebruiken. 71 procent van hen gebruikt de medicatie langer dan vijf jaar. Bij 39 procent heeft er nooit een tussentijdse controle plaatsgevonden. Je kunt de volledige resultaten van het Radar-onderzoek hier lezen

Al twaalf jaar aan de pijnstillers

Zo ook bij Aranka Schippers. Ze slikt al twaalf jaar dagelijks pijnstillers: naproxen en paracetamol. Dit vanwege haar jarenlange pijn. Tussendoor hoort ze niets, tot ze een vervangende huisarts krijgt. Die sloeg daar wel op aan: 'Hoe lang slik je dat dan eigenlijk al?' Maar vervolgens ging die weer weg en kwam daar geen gevolg aan, vertelt ze.

Soorten medicatie

Dergelijke verhalen zijn er meer, over allerlei soorten medicatie, met verschillende gevolgen bij langdurig gebruik. Verslaving ligt bij pijnstillers op de loer, terwijl bij antidepressiva de aanbevolen periode van gebruik minder dan een jaar is, en bij slaappillen de werkzaamheid na enkele weken al ophoudt. Stoppen met de genoemde medicatie is lastig, zeker als de patiënt zelf het initiatief moet nemen om naar de dokter te stappen. De aanname dat de arts wel contact opneemt als er iets anders moet, houdt sommige mensen ook tegen.

Meer aandacht voor (langdurig) gebruik

Uit de Radar-enquête blijkt dat ruim één op de tien respondenten het medicijn langer dan de voorgeschreven behandelduur gebruikt. Dianda Veldman, directeur van de Patiëntenfederatie vindt dit geen goede ontwikkeling. 'We maken ons zorgen over dat er te veel een automatisme is, waardoor mensen eindeloos - soms wel tien, twintig of zelfs dertig jaar - medicijnen gebruiken zonder dat erover wordt gesproken met de arts.'

'Er moet niet alleen aandacht zijn voor het voorschrijven van medicijnen, maar ook voor het gebruik en misschien zelfs het stoppen van medicijnen. Het zijn middelen die goede dingen doen, maar die ook bijwerkingen kunnen hebben op je gezondheid', aldus de directeur.

Slaapmiddelen

Ruud Coolen-van Brakel van het Instituut Verantwoord Medicijngebruik erkent het probleem en beaamt dat sommige middelen niet bedoeld zijn voor langdurig gebruik. Zo noemt ook hij de slaapmiddelen, die volgens de enquête door 6 procent lang worden geslikt. 'In principe zijn die middelen eigenlijk alleen maar bedoeld voor kortdurend gebruik', zegt hij. Gewenning en verslaving liggen op de loer. 'Gelukkig was dat probleem twintig jaar geleden groter dan nu; we zijn daar toch veel strenger op gaan letten. En dan nog zijn er veel te veel mensen die langdurig dit soort middelen gebruiken. Dat is waar.'

Antidepressiva

Een ander voorbeeld van onnodig langdurig gebruikte medicatie is dat van antidepressiva. Coolen-van Brakel: 'In principe kan het bij antidepressiva niet zozeer kwaad, maar je moet je wel afvragen hoe zinvol het op een gegeven moment nog is. Het doet natuurlijk wel iets met je; het heeft allerlei bijwerkingen.' Zo ervaren mensen geen zin seks en zijn emoties vlakker. 'Allerlei zaken die je misschien helemaal niet wilt.'

Neveneffecten

Aranka’s langlopende pijnstillergebruik heeft volgens Coolen-van Brakel ook duidelijke neveneffecten. 'De belangrijkste risico's zijn maagschade en maagbloedingen. Dat is iets wat je wel heel goed in de gaten moet houden. Je moet ook kijken of er geen alternatieven zijn voor die pijnbestrijding.' Dat gebeurt bij haar niet. Pas nadat ze zelf aan de bel trekt vanwege maagklachten, krijgt ze maagbeschermers voorgeschreven.

Het onzichtbare werk van apotheker en huisarts

Hoe kan het gebeuren dat zoveel mensen jaren achtereen ongemonitord medicatie kunnen blijven slikken? Een gebrek aan tijd en geld, is het korte antwoord van zowel huisartsen als apothekers. De nadruk ligt op de kwetsbaarste groep vanaf 65 of zelfs 75 jaar, vaak in combinatie met gebruik van meer dan vijf of tien medicijnen. Ook chronisch zieke mensen krijgen een regelmatige check. Mensen met reumamedicatie worden bijvoorbeeld jaarlijks bij de arts uitgenodigd.

Voordeel van deze selectie van een kleinere groep is dat het minder tijd kost, en dat het om mensen gaat die veelal daadwerkelijk aandacht nodig hebben. Mensen jonger dan 65, met minder medicijnen of zonder een chronische ziekte blijven alleen vaak wel achterwege.

Wel is er volgens zowel apothekersbond KNMP als het Nederlandse Huisartsen Genootschap (NHG) sprake van voor de patiënten onzichtbare checks. Onderling wordt er dan bijvoorbeeld kort overlegd over een persoon die al langer dan gebruikelijk een middel neemt. Als dat in overleg blijkt te kloppen, blijft het uitschrijven van herhaalrecepten doorgaan.

Tijd voor een medicijnen-APK?

Toch is er een groep die buiten de boot valt, erkennen zowel het NHG als de KNMP. Meer automatische signalen bij het afhalen van een herhaalrecept, waardoor de apotheker snel weet dat iemand al langer dan gebruikelijk een middel neemt, zouden een deel van de oplossing kunnen zijn. Ook online vragenlijsten kunnen helpen, waarbij de mensen met klachten uitgefilterd kunnen worden.

Beide koepelorganisaties roepen echter vooral ook de patiënt op om assertief te zijn. Aris Prins van de KNMP geeft wel toe dat de apotheker dan wel uitnodigend moet zijn. 'Veel apothekers hebben nu gewoon een spreekkamer, maar dat weet niet iedereen.' Als dat bekender wordt bij mensen, durven ze wellicht sneller een vraag te stellen dan nu, aldus Prins.

Lastige afweging

Wendy Borneman van het NHG vindt het een lastige afweging, omdat de middelen beperkt zijn. 'Er zit een balans: het kost heel veel tijd en het levert bij de meeste mensen heel weinig op om dit steeds te bespreken. De echte winst is bij bepaalde gevallen te behalen, het is niet heel zinvol om hetzelfde bij iedereen te doen. In die tijd kun je ook andere dingen doen.'

Reageer

Wil jij meepraten over dit onderwerp? Dat kan op ons forum!

Reageer op het forum

Ook interessant