Artsen bezorgd om ‘milde’ hyperbare zuurstoftherapie: ‘Medische aandoeningen horen niet in wellness-setting’

Het aanbod van hyperbare zuurstoftherapie door aanbieders van ‘milde’ hyperbare zuurstoftherapie neemt toe, en dat baart artsen grote zorgen. Bij deze therapie worden patiënten in een kamer (vaak voor één persoon) onder verhoogde druk geplaatst. Daarin ademen ze 100 procent zuurstof in. Als de behandeling gecontroleerd wordt uitgevoerd, kan het onder andere wonden sneller genezen, nieuwe bloedvaten laten ontstaan of weefsel herstellen. Maar het alternatieve aanbod brengt gevaren met zich mee én doet medische uitspraken die niet voldoende wetenschappelijk zijn onderbouwd.
Wat is er aan de hand op die alternatieve markt? En waarom kunnen ‘milde’ hyperbare zuurstoftherapieën ongecontroleerd hun gang gaan? Radar sprak met Alex van den Dolder, hyperbaar verpleegkundige en operationeel manager bij Eurocept Clinics. Deze kliniek is aangesloten bij de Nederlandse Vereniging voor Hyperbare Geneeskunde (NVvHG).
Hyperbare zuurstoftherapie: wél of niet erkend?
“Je hebt behandelingen die plaatsvinden in erkende centra, die zijn aangesloten bij de Nederlandse Vereniging voor Hyperbare Geneeskunde (NVvHG),” vertelt Van den Dolder over de Nederlandse markt.
“Het overgrote deel van hun behandelingen wordt vergoed vanuit de basisverzekering. Hiervoor moet sprake zijn van een geldige indicatie (bepaald door het Zorginstituut Nederland) en moet je een verwijzing hebben van een medisch specialist. Tegelijkertijd zien we de afgelopen jaren een toename van alternatieve aanbieders, die behandelingen aanbieden buiten de erkende zorgcontext.”
Wat is ‘milde’ hyperbare zuurstoftherapie?
Hyperbare zuurstoftherapie (HBOT) bij erkende centra kenmerkt zich door het inademen van 100 procent zuurstof. ‘Milde’ hyperbare zuurstofinstellingen, aangeboden op de alternatieve markt, voldoen vaak niet aan deze 100 procent. “Er zijn kamers op de markt waarin patiënten zuurstof ademen via een slangetje in de neus, niet via een afsluitend masker (zoals dat gebeurt bij een medische behandeling). Je ademt dan zo’n 90 procent lucht in via je mond of neus, in plaats van de 100 procent toegediende zuurstof.”
Ook moet de druk in een hyperbare ruimte ten minste twee bar zijn en moet de behandeling minstens 60 minuten aaneengesloten duren. “Voldoe je niet aan alle drie de voorwaarden? Dan spreek je van ‘milde’ hyperbare zuurstoftherapie.” Een kamer waar gebruik wordt gemaakt van een neuscanule en niet van een afsluitend masker is dus een voorbeeld van ‘milde’ hyperbare zuurstoftherapie.
Onvoldoende onderbouwde medische claims
“Op de alternatieve markt worden soms toepassingen aangeboden waarvoor onvoldoende wetenschappelijke onderbouwing bestaat,” vertelt Van den Dolder. “De term ‘milde’ hyperbare zuurstoftherapie is geen erkende medische benaming en kan de indruk wekken dat het gaat om laagdrempelige of onschuldige wellnessbehandeling. Dat is een misvatting.”
HBOT als ondersteuning bij Parkinson en MS: ‘geen bewijs’
Radar onderzocht welke medische uitspraken worden gedaan op de alternatieve markt en legden deze voor aan Van den Dolder. Eén van de uitspraken die we tegenkwamen is: “Hyperbare zuurstoftherapie kan als onderdeel van een behandeltraject worden ingezet bij onder andere Parkinson en MS.” Dat stelt het Functioneel Neurologisch Instituut (FNI), aanbieder van ‘milde’ hyperbare zuurstoftherapie, op hun website.
Na vragen van Radar leggen ze uit hoe dat zou werken: “Binnen het FNI ligt de nadruk met name op traumatisch hersenletsel en andere brein-gerelateerde indicaties, waaronder MS en Parkinson. In deze context wordt HBOT niet gepositioneerd als op zichzelf staande curatieve therapie, maar als aanvullende ondersteuning. Het doel is optimalisatie van oxygenatie en ondersteuning van herstelprocessen, dan wel verbetering van het dagelijks functioneren en kwaliteit van leven, binnen een breder behandelplan.”
Het FNI vervolgt: “Wij begrijpen dat er verschillen bestaan in interpretatie van de beschikbare literatuur. Wij baseren onze inzet op bestaande fysiologische kennis over zuurstof-stofwisseling, klinische ervaring en internationale ontwikkelingen binnen dit gebied.”
Hoe oordeelt Van den Dolder over deze medische uitspraak? “Er is nog onvoldoende onderzoek gedaan naar de indicaties waar het FNI naar verwijst. Sterker nog, bij geen enkel van deze indicaties wordt nationaal of internationaal HBOT in een richtlijn geadviseerd.”
Medische aandoeningen horen niet in een wellness-omgeving
Het Oxygen Wellness lab, aanbieder van de ‘milde’ alternatieve hyperbare zuurstoftherapie, stelt: “Wereldwijd wordt hyperbare zuurstoftherapie ook toegepast bij de volgende aandoeningen: PTSS en autismespectrumstoornis (ASS).”
Radar stelde het centrum een aantal vragen over deze medische uitspraak. Het Oxygen Wellness lab gaf de volgende uitleg: “Wij zijn geen artsen en stellen geen medische diagnoses. Wij bieden HBOT aan binnen een wellness-setting. Cliënten maken op eigen initiatief gebruik van onze faciliteiten. Onze verantwoordelijkheid ligt in het veilig uitvoeren van de therapie. PTSS en autisme worden niet beschouwd als tegenaanwijzing vanuit veiligheidsperspectief. Ook zijn dit geen erkende en verzekerde indicaties binnen de Nederlandse hyperbare geneeskunde, zoals vastgesteld door de NVvHG.”
“PTSS en ASS problematiek zijn medische aandoeningen welke onder medische toezicht behandeld/begeleid moeten worden en niet in een wellness-setting,” verheldert Van den Dolder. “Op het gebied van PTSS wordt wel onderzoek in combinatie met HBOT gedaan, echter deze behandelingen maken deel uit van een totaal behandelpakket en niet alleen van HBOT. En dit onderzoek wordt vooral uitgevoerd door partijen die hier ook sterke belangen in hebben.”
Het volgen van de richtlijnen
Naast dat er ongegronde medische uitspraken worden gedaan, lijken aanbieders ook niet alle opgestelde veiligheidsrichtlijnen te volgen. “Als erkend hyperbaar centrum volgen we deze (Europese) richtlijnen en aanbevelingen voor het werken onder druk. Daar staan belangrijke voorwaarden in, waarmee de veiligheid van een patiënt gewaarborgd wordt. Die voorzorgsmaatregelen worden op de alternatieve markt vaak niet genomen, en dat zorgt voor grote risico’s. Van den Dolder legt uit waarom.
Mogelijk brandgevaar bij de ‘milde’ hyperbare zuurstofinstellingen
Als je 100 procent zuurstof toegediend krijgt via een slangetje in de neus, kan het zuurstofpercentage in de kamer oplopen. “Want je ademt niet de 100 procent toegediende zuurstof in, maar zo’n 90 procent van wat je inademt is gewoon lucht via je mond of neus.
Ook kan een zuurstoflek ontstaan, als maskers worden gebruikt die niet goed passen. Hierdoor kan het zuurstofpercentage in de kamer oplopen.”
“En dat is een risico,” vervolgt de verpleegkundige. “Weliswaar is zuurstof zelf niet brandbaar, het kan wel leiden tot een brandbare situatie. Bijvoorbeeld als brandbare materialen in de ruimte worden meegenomen. Loopt het zuurstofpercentage in de kamer op? Dan kan het risico op ontbranding toenemen.”
Waarom de alternatieve markt toch een neusslang gebruikt
Radar ziet aanbieders op de alternatieve markt die wel een neusslang gebruiken. Een van deze aanbieders laat ons weten: “Voor sommige patiënten, met name bij claustrofobie, is een neuscanule een comfortabeler en beter verdraagbaar alternatief. Om de risico’s van een hogere zuurstofdruk of zuurstoflekkage te beheersen, worden in moderne HBOT-systemen zogenoemde scrubbers toegepast.” Volgens dit centrum verwijderen die scrubbers en ventilatiesystemen metabole afvalstoffen, helpen ze bij de chemische absorptie en bieden ze een actieve circulatie van de lucht.
Het belang van controle
Volgens de officiële richtlijnen moet, naast de hoeveelheid zuurstof, ook worden gecontroleerd of patiënten geen verboden artikelen meenemen in de hyperbare kamer. Van den Dolder legt uit: “Dan moet je denken aan mobiele telefoons, maar ook gehoorapparaten, autosleutels met batterij, synthetische kleding en het gebruik van lippenstift of lippenbalsem.” Dit zijn allemaal artikelen die het risico op ontbranding verhogen. “Op een leesboek, puzzelboekje of tijdschrift na, mag bijna niets mee de kamer in.”
Wel een laptop of telefoon in de kamer?
Ondanks deze waarschuwende geluiden, ziet Radar aanbieders die het gebruik van elektrische apparaten in de hyperbare kamer toch toestaan. "U kunt gerust uw telefoon of laptop meenemen," lezen we op de website van de instelling Rejuvenate.
Als Radar vraagt naar de manier waarop patiëntveiligheid in acht wordt genomen wanneer apparaten worden gebruikt, reageert Rejuvenate met: “Onze Hyperbare zuurstoftank is voorzien van een zuurstof Scrubber. Technisch betekent dit dat het overschot van zuurstof in de atmosfeer in de tank niet boven de 23 procent kan komen. Wat de brandveiligheid in de tank controleert. Het gebruik van telefoon en laptop kan dan.”
“Daar ben ik het ten zeerste mee oneens,” reageert Van den Dolder. “Neem als voorbeeld een vliegtuig op dertien kilometer hoogte. Daar is de druk vijf keer lager dan in een hyperbare kamer. Elektrische apparaten mogen daar niet in het ruim, maar moeten in de passagiersruimte. Want als er brand uitbreekt, dan kunnen ze het apparaat in een afgesloten kist stoppen om de brand te stoppen. Dus losse apparatuur mag gewoon niet mee een hyperbare kamer in.”
‘Geen medisch personeel’
Hyperbare zuurstoftherapie kent dus risico’s. Zo vertelt Van den Dolder: “Erkende centra nemen voorzorgsmaatregelen om die risico’s uit te sluiten door middel van een medische intake door een arts en soms aanvullend onderzoek vooraf en tijdens de behandeling. Er is altijd gespecialiseerd personeel aanwezig, waaronder een arts.”
“Bij ‘milde’ hyperbare zuurstofinstellingen is er geen arts én vaak geen medisch personeel aanwezig,” vertelt hij verder. “Je kunt je afvragen: In hoeverre worden patiënten die zich melden bij alternatieve instellingen medisch gescreend, wordt er überhaupt gekeken of er redenen zijn om de behandeling niet te ondergaan?”
“En als het fout gaat tijdens de behandeling (want de risico’s bestaan), dan kun je bijvoorbeeld longproblematiek krijgen of problemen met je oren. Het is dus ontzettend belangrijk dat medisch personeel toezicht houdt tijdens de behandeling. Zij kunnen tijdig inspelen op de situatie. Zonder medisch personeel is de kans op ongelukken veel groter.”
Als er één ding fout gaat, dan gaat in één keer alles fout.Hyperbaar verpleegkundige Alex van den Dolder
De inspectie maakt zich zorgen
Radar sprak met de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). Ook zij maken zich zorgen over het gebruik van de eenpersoonskamers (monochambers) als de veiligheid niet goed is geregeld. “In het buitenland is het al een paar keer flink misgegaan met deze kamers,” zegt de inspectie. “In Nederland is dat gelukkig nog niet gebeurd, maar dat willen we natuurlijk voorkomen.”
Het toezicht van de inspectie op hyperbare zuurstoftherapie
Als de inspectie zich zorgen maakt, hoe houden zij dan toezicht op de alternatieve markt? “De IGJ werkt risicogestuurd. Ondanks dat we de afgelopen jaren vanuit Nederland nauwelijks meldingen over dit onderwerp hebben ontvangen, zien we grote risico’s,” vertelt de inspectie. “Daarom hebben we meerdere acties ondernomen.”
“Zo heeft de IGJ contact gehad met collega-toezichthouders om samen te kijken naar meer mogelijkheden om toezicht te houden op het gebruik van eenpersoonskamers (ARBO, explosiegevaar, algemene productveiligheid). Ook hebben wij brieven gestuurd met de richtlijnen en mogelijke risico’s, naar alle bij ons bekende centra die HBOT toepassen.”
Beperkte (Europese) wetgeving
Weliswaar probeert de inspectie toezicht te houden op de alternatieve markt, er is nog geen duidelijke wetgeving die handhaving mogelijk maakt. De inspectie laat ons weten: “De (Europese) wet is onduidelijk of beperkt. Hiervoor hebben we wel actie ondernomen.”
“De zogenoemde mHBOT eenpersoonskamer geven aan dat het product niet is bedoeld voor medisch gebruik, maar voor wellnessdoeleinden. Daardoor is het geen medisch hulpmiddel volgens de wet.”De inspectie vervolgt: “Maar in de EU-wet voor medische hulpmiddelen is het mogelijk om bepaalde soorten niet-medische apparaten, toch onder deze wet te laten vallen. De IGJ heeft daarom dit onderwerp aangekaart en besproken met andere lidstaten en inspectiediensten.”
Vragen over veiligheid? Benader een specialist
“Mochten patiënten vragen hebben over de medische inzet en veiligheid van hyperbare zuurstoftherapie, kunnen ze altijd vrijblijvend contact opnemen met elk hyperbaar centrum voor advies,” vertelt Van den Dolder. “Laat je goed informeren over de risico’s en gevaren van de behandeling, zoals het gebruik van elektronische apparatuur in een zuurstofkamer. Dit kan namelijk brandgevaar opleveren,” vult de IGJ aan.
“Artsen en verpleegkundigen willen goede en verantwoorde zorg leveren. Dus bij twijfel: niet alles wat op het internet staat geloven, maar neem contact op met een erkend hyperbaar centrum of vraag het aan de medisch specialist in het ziekenhuis. Die kunnen het beste en eerlijk antwoord geven,” concludeert Van den Dolder. De IGJ vervolgt: “Ben je al onder behandeling bij een reguliere arts? Bespreek zo’n behandeling dan van tevoren met je arts.”