toggle menu

HPV-vaccin vanaf 2021 voor jongens en meisjes: en hierom is dat belangrijk

HPV-vaccin vanaf 2021 voor jongens en meisjes: en hierom is dat belangrijk

Ongeveer achthonderd Nederlandse vrouwen krijgen ieder jaar de diagnose baarmoederhalskanker, het vaakst in de leeftijdscategorie dertig tot 44 jaar. De Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) komt vandaag met een plan om wereldwijd het aantal gevallen van baarmoederhalskanker terug te dringen. In Nederland krijgen per 2021 jongens én meisjes een HPV-vaccin, en kinderen worden niet op hun dertiende, maar al op hun negende ingeënt.

De WHO heeft drie doelen gesteld. In 2030 moeten negentig procent van de meisjes gevaccineerd zijn tegen HPV, zeventig procent van de vrouwen moet tweemaal in haar leven een uitstrijkje krijgen, en negentig procent van de vrouwen moet toegang hebben tot een behandeling voor baarmoederhalskanker of een voorstadium ervan, inclusief nazorg en palliatieve zorg.

HPV en baarmoederhalskanker

HPV staat voor humaan papillomavirus. Er bestaan verschillende HPV-virussen. Van bepaalde typen kun je kanker krijgen. De meest voorkomende vorm van kanker door HPV is baarmoederhalskanker. Maar ook andere vormen komen voor, zoals kanker in vagina, schaamlippen, anus, penis en mond of keelholte. Een vaccin beschermt voor ongeveer 75 procent tegen baarmoederhalskanker. Dat is geen honderd procent: baarmoederhalskanker kan ook veroorzaakt worden door andere HPV-virussen die niet in het vaccin zijn opgenomen. Ook mannen hebben baat bij het HPV-vaccin, niet alleen omdat het virus zo minder verspreid wordt, maar ook omdat het hen beschermt tegen bepaalde kankersoorten. (Bron: RIVM)

Volgens Stichting Olijf, netwerk voor vrouwen met gynaecologische kanker, scoort Nederland redelijk goed op de laatste twee doelen van dat plan: het percentage uitstrijkjes en de (na)zorg voor patiënten met baarmoederhalskanker. Cindy Hoge, woordvoerder bij de patiëntenorganisatie: 'De grootste uitdaging voor Nederland is de HPV-vaccinatiegraad'.

Vaccinatiegraad gestegen naar 53 procent, maar: 'nog lang niet voldoende'

Uit cijfers van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) blijkt namelijk dat de vaccinatiegraad van meisjes tegen HPV in 2019 53 procent was. Dat is een stijging van 7,5 procent ten opzichte van 2018. Dat is volgens Hoge weliswaar een positieve ontwikkeling, maar het is 'nog lang niet voldoende'.

Het HPV-vaccin is meerdere keren vanwege vermeende bijwerkingen in het nieuws geweest. En Hoge ziet dat het vaccin vaak nog gelinkt wordt aan seks. 'Ouders denken dat het voldoende is als ze hun kind erop wijzen veilig seks te hebben. Maar HPV kan al overgebracht worden via huid-op-huidcontact'.

Opgenomen in Rijksvaccinatieprogramma

Vanaf 2021 worden de HPV-vaccinaties in het Rijksvaccinatieprogramma opgenomen. Dat betekent dat je niet meer een aparte uitnodiging krijgt, maar dat je de vaccinatie krijgt samen met andere vaccinaties uit het Rijksvaccinatieprogramma. Het betekent ook dat jongens en meisjes gevaccineerd worden en dat de leeftijd van de inenting omlaag gaat, van dertien jaar naar negen jaar.

En daar is de patiëntenorganisatie verheugd over. 'Baarmoederhalskanker is een ernstige ziekte. Als je het overleeft, dan heeft baarmoederhalskanker bijna altijd zeer ingrijpende gevolgen'. Olijf roept daarom ook op: 'laat je zoon of dochter inenten, en laat het uitstrijkje maken'.

Meer over (bijwerkingen van) het HPV-vaccin, en hoe HPV kanker kan veroorzaken vind je bij het RIVM

Ook interessant