Bij vuurwerkletsel moet je meteen dít doen

Bij vuurwerkletsel moet je meteen dít doen

Zelfs als je helemaal geen vuurwerk gaat afsteken, of alleen een sterretje, is het goed om iets te weten over vuurwerkletsel. Je kunt je immers ook lelijk bezeren aan sterretjes, je kunt als omstander geraakt worden door andermans vuurwerk (dat gebeurde vorige jaarwisseling bij 44 procent van alle slachtoffers) en misschien moet je hulp bieden als bijvoorbeeld je buurman gewond raakt. Daarom legt Radar uit wat je moet doen bij de drie meest voorkomende vuurwerkwonden: brandwonden, oogletsel en open wonden.

Uit cijfers van VeiligheidNL blijkt dat bij de jaarwisseling van 2020/2021 honderden vuurwerkslachtoffers vielen, ondanks het verbod. Van hen had 41 procent een brandwond, 14 procent oogletsel en 7 procent open wonden. Ook dit jaar geldt een vuurwerkverbod, maar misschien krijg je toch te maken met een ongeluk. Radar legde deze soorten letsel daarom voor aan Rode Kruis Nederland. Zij geven het volgende advies voor als je op oudjaarsnacht iets fout zien gaan. 

Drie soorten brandwond

Er zijn drie categorieën brandwond die je kunt herkennen. Als de huid rood en licht gezwollen is, dan is hij onvolledig verbrand. Zie je blaren, dan is de huid gedeeltelijk verbrand. Een volledig verbrande huid, ten slotte, heeft een witte, perkamentachtige of zwarte kleur. 

Wanneer moet je 112 bellen voor brandwonden?

Als je niet zeker weet hoe erg de wond is, bel dan sowieso het noodnummer. Bel ook 112 als je ernstige brandwonden ziet, dus met gedeeltelijke of volledige verbranding. Hetzelfde geldt voor uitgebreide brandwonden, die volledig rondom de nek, romp of ledematen lopen, of meer dan 10 procent van het lichaam beslaan (5 procent bij kinderen jonger dan vijf jaar). 

Quote
Bij brandwonden: eerst water, de rest komt later!
 

Wat te doen bij brandwonden

Zoals het oude rijmpje zegt: eerst water, de rest komt later! Steek de verbrande plek zo vlug mogelijk onder de kraan om hem met lauw water af te koelen. Houd hem daar tien tot twintig minuten. Haal kleren en sieraden weg en dek de brandwond uiteindelijk af. Dat moet zo schoon mogelijk gebeuren, dus gebruik huishoudfolie of een schone plastic zak. Zorg er ondertussen voor dat het slachtoffer niet onderkoeld raakt. 

Oogletsel door vuurwerk

Als iemands oog is beschadigd door vuurwerk, twijfel dan niet en bel meteen 112. Probeer het slachtoffer te kalmeren; als je zelf oogletsel hebt, probeer dan kalm te blijven, hoe moeilijk ook. Haal adem. 

Leg het slachtoffer neer. Zijn of haar hoofd moet steeds lichtjes achterover blijven. Slachtoffers willen vaak in hun ogen wrijven, maar dat mag niet gebeuren, want er mag geen druk op het oog komen - ook niet met een zak ijsklontjes, bijvoorbeeld. 

Hoeveel schade heeft het oog opgelopen?

Nu ga je de schade opnemen. Vraag wat het slachtoffer nog kan zien en probeer te kijken of het oog intact is. Zie je schade aan het oog, bloed erin of een vervormde pupil? Doe dan wat de persoon van de alarmcentrale zegt. Als de oogleden zijn gescheurd of je kunt door bloed niet zien hoe het oog eraan toe is, dan moet je tranen en bloed heel voorzichtig wegvegen op de wang. Je kunt de ogen eventueel losjes afdekken. 

Als het oog intact is, met een gewone, ronde pupil, houd dan het onderste ooglid voorzichtig omlaag om het oog uit te spoelen met water. De straal mag niet te hard zijn, het water moet druppelen. Het slachtoffer moet ondertussen omhoog kijken. 

Wat als iemand een open wond heeft? Of een vinger mist?

Als je ziet dat er bij het slachtoffer iets open ligt of zelfs een ledemaat is afgerukt, bel dan meteen 112. Totdat de hulpdiensten zijn gearriveerd moet er steeds druk op de wond blijven, dus laat het slachtoffer er zelf op drukken. Jij kunt ook op de wond drukken; gebruik daarvoor wegwerphandschoenen, wonddrukverband of een schone doek. De gewonde moet gaan liggen, voor het geval dat hij of zij in shock raakt. En ten slotte een morbide tip: doe een afgerukt lichaamsdeel in een plastic zakje, maak dat dicht en doe het vervolgens in een zak met ijswater. 

Bron: Rode Kruis, VeiligheidNL

Ook interessant